Overlay
  • Algemeen
  • Algemeen
  • Algemeen

Marktperspectief

Het Paard van Troje

De datum waarop Carnaval dit jaar zou hebben plaatsgevonden (het weekend van Valentijnsdag), was voor velen het besef dat het Corona-virus al ruim een jaar onze samenleving beheerst. Waar men vorig jaar nog dacht dat het virus na enkele maanden zou zijn overwonnen, sloeg het pessimisme daarna steeds meer toe en moeten we ons de laatste weken zelfs haasten om op tijd thuis te zijn. Op de financiële markten is het pessimisme echter ver te zoeken. Bij het schrijven van dit marktperspectief komt de hoogste slotkoers van de AEX-index (bijna 702 punten op 4 september 2001) steeds dichterbij.

Het zijn niet alleen de aandelen die hun weg omhoog duidelijk hervonden hebben, de economische vooruitzichten leiden tot hogere rendementseisen bij beleggers in obligaties. Maandag (15 februari) gaf het FD aan:

‘Rendementen op tienjarige staatsleningen stijgen maandag verder. Daarbij staan de rentes in Duitsland, Nederland en Frankrijk op hun hoogste punt sinds september. Optimisme over de economische vooruitzichten stuwen de inflatieverwachtingen en daarom eisen obligatiebeleggers een hoger rendement.’

Helaas leidt dit voor de obligatie belegger wel tot een koersdaling van obligaties. Daar waar bij een economische opleving aandelen omhoog gaan, gaan obligaties omlaag en zullen uitgevende partijen een hoger rendement moeten bieden.

Als we het hebben over een stijgende rente dan is het interessant om te in te zoomen op de reële rente. De reële rente wordt bepaald door op de nominale rente de inflatie in mindering te brengen. Wanneer we deze invuloefening doen voor de huidige 10-jaars Nederlandse staatsrente die momenteel op -/- 0,33% staat en de consumentenprijsindex (CPI) die voor de maand januari op 1,56% ligt, komt deze als volgt uit:

Reële rente = -/- 0,33% - 1,56% = -/- 1,89%.

We hebben dus een reële rente die bijna 2% negatief is en daarmee zou je kunnen zeggen dat er voor de (nominale) rente nog wel een weg omhoog in het vooruitzicht ligt. Het negatieve reële rendement is vermoedelijk reden tot de toetreding van vele nieuwe participanten tot de aandelenmarkt en leidt tot koersstijgingen die het meest weg lijken te hebben van een piramidespel. Zolang we met elkaar maar voldoende nieuwe participanten aan blijven dragen en zolang de ECB ons maar van voldoende middelen blijft voorzien en de rente laag houdt, gaat dit vast nog lang goed…

Wat mogen we wat betreft het stimuleren van de lage rente door de ECB verwachten? Zoals we weten stuurt de ECB op prijsstabiliteit. Prijzen mogen niet te hard, maar ook niet te langzaam stijgen. Als we kijken naar de ontwikkeling van de Europese inflatie, dan zien we het volgende beeld:

Bron: Historische geharmoniseerde inflatie Europa – HICP inflatie Europa (inflation.eu)

De trendlijn laat een duidelijk neerwaarts verloop zien voor de afgelopen 30 jaar. Afgelopen januari lagen de consumentenprijzen echter 0,9% hoger dan een jaar eerder. Een forse stijging ten opzichte de cijfers in december. Zou dit dan het begin zijn van de opleving van de inflatie en daarmee ook de rente? Het wipje omhoog om te ontsnappen aan de dalende trend? Met een Europees inflatieniveau dat robuust nabij de ECB doelstelling van 2% komt te liggen, zal het ruime monetaire beleid worden teruggedraaid. Deze laatste opleving van de Europese inflatie vond haar oorzaak in het aflopen van de Duitse btw verlaging. De verwachting is dat de komende maanden nog wel wat stijgingen in het verschiet liggen voor de inflatie, maar dit is de bijvangst van het herstel van de economie van de coronacrisis. Een duurzame stijging van de inflatie wordt door de ECB nog niet verwacht.

In Japan is men een lage rente al meer dan 20 jaar gewoon. Reden hiervoor ligt onder meer in de vergrijzing van de bevolking en robotisering. Ook Europa vergrijst: waar het aandeel 65+ voor Japan op ca. 28% ligt, komt deze voor Europa uit op 20%, oplopend naar ca. 28% in 2040. Oorzaken zijn onder meer de langdurige lage geboortecijfers in combinatie met een toenemende levensverwachting.

Als we voorlopig nog geen toenemende consumptie kennen, geen grondstoftekorten hebben en er nog niet wordt gevochten om personeel, zal het met de inflatie naar verwachting niet zo’n vaart lopen. Er kan evenwel nog een andere reden zijn voor geldontwaarding en deze is een vertrouwenscrisis. Wanneer bijvoorbeeld het vertrouwen komt te vervallen in overheden, bedrijfsleven of consumenten, bijvoorbeeld vanwege de verwachting dat ze hun schulden niet langer kunnen inlossen, dan zou dat het Paard van Troje kunnen zijn. Het Paard dat in de vorm van laagrentende leningen is binnengehaald, bij herfinanciering naar hogere rentes converteert en dat, och warempel, ook nog moet worden afgelost... 

Richard Wamelink