Overlay
  • Algemeen
  • Algemeen
  • Algemeen

Let op: Geld sparen kost geld!

Woningcorporaties, Nuts, Onderwijs, Decentrale Overheid, Zorginstellingen | Geplaatst op Friday 8 May 2020.

Ja, u leest het goed. Het gaat hier over sparen en niet over lenen. Wellicht heeft u de berichten van de banken niet langs zien komen, maar nu gaan de banken tóch over tot het doorberekenen van de negatieve rente op spaargelden. De grootste Nederlandse banken doen dit per 1 april, 1 mei of 1 juni van dit jaar voor omvangrijke saldo’s. Veel van onze klanten zijn kapitaalintensief en hebben daarom niet alleen omvangrijke leningportefeuilles, maar ook, in het belang van de continuïteit, een liquiditeitsbuffer. Waar voor ‘de gemiddelde Nederlander’ een liquiditeitsbuffer bestaat uit de kosten van een vervangende auto en een nieuwe wasmachine, bestaat voor deze organisaties de buffer vaak uit 1-3 maanden omzet. In dit kader hebben we dus over menige miljoenen per instelling.

Tresholds
En dat kan in de papieren gaan lopen! Immers, bij de grootste Nederlandse banken, waar het merendeel van deze instellingen bankiert, wordt boven diverse ‘tresholds’ negatieve rente in rekening gebracht. Hieronder een overzicht van de 3 grootbanken in Nederland:

  • Rabobank: € 1.000.000,-- per rekening.
  • ABN AMRO Bank: € 2.500.000 per rekeninghouder (dus ongeacht het aantal rekeningen)
  • ING Bank: € 1.000.000 per rekening

Op dit moment bedraagt de rente -0,5%. Voor elk miljoen dat boven deze ‘tresholds’ uitkomt, kost dat uw organisatie € 5.000 op jaar basis, dus voor € 10 mln. aan middelen kost dit € 50.000 per jaar! Houd er daarbij rekening mee dat de omvang of de methodiek (per rekening/ of rekeninghouder) van de treshold kan wijzigen. Ook zou het kunnen dat de rente nog verder verlaagd wordt, afhankelijk van de rentemarktomstandigheden.

Het is daarom van belang om, waar mogelijk, actie te ondernemen. Hieronder treft u, niet uitputtend, enkele suggesties:

  • Bekijk of u eerder andere afspraken heeft gemaakt met uw bank hierover. Beoordeel daarvoor de meest recente offerte van het rekeningcourantkrediet (en de eventuele verlengingsbrieven) of de overeenkomst van de betaal- of spaarrekening zelf. En kijk of je die afspraken (tijdelijk) kan behouden.
  • Heeft u een compensabel stelsel met de bank afgesproken? Bekijk dan in de overeenkomst wat hierover is afgesproken. Mocht dat niet duidelijk zijn, vraag dan na welke voorwaarden hiervoor gelden.
  • Benut, wanneer uw bank per rekening een ‘treshold’ hanteert, zoveel mogelijk de maximale ruimte per rekening.
  • Heeft u meerdere banken? Benut dan zoveel mogelijk de maximale ruimte per bank. Als u maar bij één bank bankiert, overweeg dan ook een rekening bij een andere bank te openen. Houd daarbij wel de kredietrating van de bank (zowel de bestaande als eventueel nieuwe) in de gaten en dat deze voldoet aan vereisten uit wetgeving en het treasurystatuut.
  • Heeft u nog terugplaatsingsmogelijkheden op uw roll-over lening met variabele hoofdsom? Maak daar dan gebruik van.
  • Houd goed inzicht in uw liquiditeitsontwikkeling en laat nieuwe financiering niet te vroeg storten.

Met enkele relatief beperkte inspanningen kan op de korte termijn voorkomen worden dat uw instelling te veel negatieve rente moet betalen. Bovenstaande suggesties zijn min of meer generieke maatregelen die voor iedere sector gelden. Daarnaast kunnen er specifiek voor de sector waarin u actief bent nog aanvullende oplossingen mogelijk zijn. Denk daarbij aan Schatkistbankieren voor onderwijsinstellingen.

Een belangrijk advies is om in ieder geval, wanneer daar geen reden toe is, geen buffer op een buffer aan te houden. Onderzoek daarnaast ook de mogelijkheden om geld wel beschikbaar te hebben, maar niet daadwerkelijk op te hoeven nemen. Neem hierbij ook de mogelijkheden vanuit uw bestaande leningportefeuille mee. Immers, een negatieve rente op sparen zou normaliter ook een lage rente voor lenen moeten betekenen.

Momenteel is de rente nog steeds historisch laag. De marktontwikkelingen (mede als gevolg van de Coronacrisis) hebben invloed op hoogte van de rente. Deze ontwikkeling, een daling of juist een stijging van de rente, zal (al dan niet met vertraging) een effect hebben op de beleidskeuzes bij banken.

Als u hierover nog vragen heeft of een aanvullend advies wilt, neemt u dan dan contact met ons op.

Michiel van der Leede